Direct naar hoofdmenu / zoekveld
Home / Gemeentebestuur / Raadscommissie / Notulen / Notulen 2007 / Notulen Raadscommissie 19 juni 2007

Notulen Raadscommissie 19 juni 2007

BLOK ALGEMENE ZAKEN EN FINANCIËN
 
Aanwezig:
 
Commissieleden: 
dhr D. Dieleman, dhr C.T. van den Hurk (vanaf 19.25 uur), dhr J.M. van der Torren, dhr H.
Vosters
 
Voorzitter: 
dhr H.P. Korstanje
 
Portefeuillehouders:  
mw A.H. Boerma-Van Doorne, dhr A.C.L. Adema, dhr F.R. Hoving
 
Commissiegriffier: 
mw W.G. Pieterse-Pook
 
Voorts aanwezig: 
dhr B. de Groot (commandant brandweer Rheden-Rozendaal-Duiven) en dhr G. Westerveld (ambtenaar Openbare Veiligheid gemeente Rheden)
 
Verslag:  
Buro Service Overasselt, mw M.R.H.M. de Meijer
 

1. Opening
De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur en heet de aanwezigen van harte welkom.


2. Presentatie over rampenbestrijding door de heer B. de Groot en de heer G. Westerveld
Burgemeester Boerma heet dhr De Groot en dhr Westerveld van harte welkom.

 
Dhr De Groot geeft een presentatie over de rampenbestrijding in de gemeente Rozendaal. Een hand-out van de presentatie is tijdens de vergadering uitgereikt.
 
Dhr Van der Torren vraagt hoe lang het rampenplan al werkt. Dhr De Groot antwoordt dat het regionaal college dit programma heeft vastgesteld op 26 maart 2007, maar daarvóór waren soortgelijke programma's actief.
Dhr Vosters vraagt of de brandweer ook een aanvalsplan heeft klaarliggen voor het geval er iets gebeurt in het gemeentehuis of de kliniek of hospice. Dhr De Groot antwoordt dat men in het gemeentehuisvoor gijzelingen en dergelijke situaties een bedrijfsnoodplan dient te heben. Daar waar mensen slapend aanwezig zijn, is de brandweer op de hoogte hoe het gebouw in elkaar zit.
 
Dhr Koning (publieke tribune): Wat is de rol van provincie, als er opgeschaald moet worden in verband met hoog water? Dhr De Groot antwoordt dat het waterschap de afgelopen jaren steeds meer aan de weg timmert en de dijkgraaf is aangeschoven bij de veiligheidsregio.Bij hoogwater heeft de burge- meester telefonisch overleg met de Commissaris van de Koningin. De regio probeert het incident te bestrijden en de provincie heeft daar een bepaalde rol in, maar de ervaring leert dat het ministerie van Binnenlandse Zaken een situatie als hoogwater snel in eigen hand neemt.
De voorzitter vraagt of een tekort aan water bij een grip 1 situatie denkbaar is in Rozendaal. Dhr De Groot antwoordt dat er voor Rozendaal geen probleem is. De brandweer Rheden beschikt over drie bosbrandbestrijdingsvoertuigen met elk 10.000 liter water. Voor een forse brand is dit meer dan genoeg. Daarnaast beschikt de regionale brandweer over grootwatertransport (8 duimsleiding van 2,5 kilometer lang), waarmee ergens water vandaan gehaald kan worden.
Burgemeester Boerma vult hierop aan dat op de Imbosch meer dan 100.000 liter water ligt ingegraven om bij een bosbrand niet helemaal terug te moeten rijden naar de IJssel of het Apeldoorns Kanaal.


3. Mededelingen / Ingekomen Stukken
De voorzitter merkt op dat het college zonder overleg met het presidium heeft bepaald het stuk met betrekking tot de milieuaspecten van De Del in blok 3 te behandelen. In het kader van het dualisme vraagt hij of de fracties het er mee eens zijn dat het college in voorkomende gevallen overleg dient te plegen met het presidium, omdat het presidium in principe de agenda bepaalt.
Dhr Van den Hurk en dhr Van der Torren zijn het met de voorzitter eens dat dit formeel de te volgen procedure is.

 
Er zijn geen ingekomen stukken.


4. Verslag van de vergadering van 24 april 2007
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.


5. Bespreking agendapunt raadsvergadering d.d. 19 juni 2007
Agendapunt 5: Voorstel tot vaststelling van de jaarrekening 2006 en toevoeging van het voordelig saldo ad € 131.292,- aan de vervangingsreserve (€ 36.800,-) en aan de bestemmingsreserve huisvesting Dorpsschool (€ 94.492)

 
Dhr Dieleman verklaart dat het de BGR duidelijk is dat er hard aan gewerkt is door de wethouder en de organisatie. De BGR is blij met het voordelig saldo, niet alleen omdat het voortvloeit uit meer opbrengsten, maar ook omdat het het resultaat weergeeft van bezuinigingen en het vrijvallen van reserveposten. Hieruit blijkt dat er continu wordt gekeken naar interne kosten en dat er tegelijkertijd niet al te optimistische inschattingen worden gemaakt over externe kosten. De toename van de mobiele reserve wordt toegejuicht alsmede de toename van de bestemmingsreserve. De BGR is verheugd dat de door haar gevraagde samenvatting van de te verwachten risico's en mogelijke kansen in het document is opgenomen. Bovendien wordt er een koppeling gelegd naar het weerstandsvermogen. De BGR stemt in met het voorstel en geeft met de vaststelling van de jaarrekening ook haar goedkeuring voor de gemaakte overschrijdingen (pagina 13).
 
Dhr Vosters sluit zich aan bij hetgeen dhr Dieleman heeft gezegd. De zin "Het college gaat ervan uit dat de voorzieningen die nodig zijn, gedekt kunnen worden uit de opbrengsten die op De Del en de Steenhoek te genereren zijn" (verslag Commissie van Advies 24 april 2007, pagina 13) vergelijkend met de zin "Het grootste risico dat benoemd is, betreft de bouw van de Dorpsschool" (raadsvoorstel paragraaf Argumenten), vraagt hij of het college nog meer financiële problemen voorziet.
Wethouder Hoving antwoordt dat de accountant de jaarrekening en tevens eventuele risico's beoordeelt. De accountant heeft de Dorpsschool vermeld als een risico, als de gemeente geen opbrengsten zou genereren uit De Del. Andere risico's zijn er niet te verwachten.
Dhr Vosters verklaart dat Rosendael '74 instemt met het voorstel.
De voorzitter zegt namens het PAK dat de partij blij is met de jaarrekening. Prudent beleid gecombineerd met meeropbrengsten van de overheid leveren meteen een goed resultaat. De jaarrekening is de afgelopen jaren een steeds leesbaarder stuk geworden dat een plezierige transparantie heeft. Het PAK stemt gaarne in met het voorstel.
 
De commissie adviseert positief.

 

Agendapunt 6: Voorstel tot vaststelling van de tussenrapportage tot en met april 2007
Dhr Dieleman is blij met het positieve saldo, hoewel dit negatief geweest zou zijn als niet de stukjes grond waren verkocht.
Dhr Van den Hurk sluit zich aan bij de woorden van dhr Dieleman evenals de voorzitter namens het PAK.

 
De commissie adviseert positief.


Agendapunt 7: Voorstel tot vaststelling van de nieuwe verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden.
De commissie adviseert positief.


6. Rondvraag
Er wordt geen gebruik gemaakt van de rondvraag.


7. Schorsing
De voorzitter schorst de vergadering om 19.43 uur.

BLOK VOLKSHUISVESTING, RO, MILIEU, OPENBARE WERKEN, VERKEER EN VERVOER
 
Aanwezig:
 
Commissieleden: 
dhr C.T. van den Hurk, dhr A.G.H. Koning, dhr A. Logemann, dhr M.G.H. Tuit, dhr C. van der Weerd
 
Voorzitter: 
dhr H.P. Korstanje
 
Portefeuillehouders:  
dhr A.C.L. Adema, dhr F.R. Hoving
 
Commissiegriffier: 
mw W.G. Pieterse-Pook
 
Verslag:  
Buro Service Overasselt, mw M.R.H.M. de Meijer
 
Afwezig:  
mw T. van Raalte-Ratering (wordt vervangen door dhr Van den Hurk)
 

8. Heropening
De voorzitter heropent de vergadering om 19.48 uur.


9. Mededelingen / Ingekomen stukken
Er zijn geen mededelingen.


10. Verslag van de vergadering van 24 april 2007
Dhr Koning deelt mee dat het bezoek aan het Waterschap in september zal kunnen plaatsvinden.

Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.


11. Bespreking agendapunt raadsvergadering d.d. 19 juni 2007
Agendapunt 8: Voorstel tot instemming met het beleid, lijst en tekening te 'koesteren' bomen

Dhr Tuit vraagt of de gemeente een aanwijzing kan geven tot een beter behoud van de monumentale bomen, als deze in particulier bezit zijn. Met betrekking tot de passage in het voorstel dat de gemeente geen financiële bijdrage verleent geven voor het in stand houden, maar wel advies geeft, vraagt hij of het in dat geval een gratis advies betreft. Wethouder Adema antwoordt dat de gemeente een aanwijzing kan geven en dit ook doet, het afdwingen ervan ligt echter moeilijker. Het onderhoud van de monumentale bomen die in gemeentelijk bezit zijn, is opgenomen in het groenplan. Particuliere eigenaren moeten zelf de kosten dragen of een sponsor zoeken,  zoals het hospice bijvoorbeeld heeft gedaan.

 
Dhr Logemann merkt op dat dit agendapunt een uitvloeisel is van de algemene beschouwingen. PAK heeft toen een pleidooi gehouden om de aandacht te richten op de toekomstbomen, ofwel bomen die over 50 jaar het aanzien van het dorp bepalen. We hielden toen een pleidooi om een visie op te stellen voor deze bomen, zodat tegen die tijd Rozendaal nog steeds het groenste dorp van Europa mag worden genoemd.
Tot ons genoegen zei het college indertijd toe met deze visie te zullen komen. In de tweede termijn van de algemene beschouwingen bleek echter al dat Rosendael '74 dit voorstel een beetje op de hak nam. Rosendael '74 sprake over knuffelbomen en kreeg daarmee de lachers op de hand. Wij kunnen een goede grap best waarderen, maar constateren dat ons voorstel inmiddels een papieren exercitie is geworden. Nu ligt er een voorstel om in te stemmen met het beleid, lijst en tekening van 'te koesteren bomen'. Dat zijn nog net geen 'knuffelbomen', maar klinkt in onze ogen wel erg badinerend. En dat terwijl het ons om een serieuze zaak gaat, want de bomen die nu relatief jong zijn, kunnen over enkele decennia ons dorpsgezicht bepalen. Je moet bij het groenbeleid immers oog hebben voor de ontwikkelingen op de langere termijn.
 
Het voorstel dat nu op tafel ligt, voldoet slechts ten dele aan deze eis. Wat ons aanspreekt in dit voorstel is dat er sprake is van een extra bescherming, namelijk een speciale status als er sprake is van herinrichting of reconstructies. Terecht is voortaan het uitgangspunt dat deze bomen te allen tijde moeten worden behouden tenzij de vitaliteit van de boom sterk achteruit gaat of dat er écht geen andere planologische oplossingen zijn.
Maar als we kijken om welke bomen het nu gaat, dan zijn we minder tevreden. Er is een tekening bij het voorstel gevoegd waarop monumentale bomen staan vermeld evenals de waardevolle gemeentelijke bomen en de overige gemeentelijke bomen. Dat zijn weer andere benamingen dan in uw voorstel worden genoemd, want daarbij wordt gesproken over duurzame gemeentelijke bomen. Want voor welke bomen geldt nu die extra bescherming? Als de duurzame bomen volgens u hetzelfde zijn als de gemeentelijke waardevolle bomen, moet dat ook duidelijk en consequent in uw voorstel worden verwoord.
Het gaat mij te ver om hier alle bomen op de kaart te bespreken. Toch wil ik wel één boom uitpikken als voorbeeld: de plataan op de hoek van de Baron van Pallandtlaan en de Hertog van Gelrestraat. Een boom van redelijke omvang en wat mij betreft hoort deze thuis in de categorie bomen die over enkele decennia kan uitgroeien tot een magnifieke boom. Maar deze boom heeft geen enkele status en staat zelfs niet op de kaart als gemeentelijke boom, terwijl hij toch echt in een gemeentelijke groenstrook staat. Dit voorbeeld maakt wat mij betreft duidelijk dat er beter nog eens kritisch naar de tekening moet worden gekeken en naar de tekst van dit beleidsvoorstel. Wat mij betreft is het voorstel op dit moment nog niet rijp om met een positief advies aan de raad door te sturen.
Dhr Koning verklaart dat de BGR het voorstel steunt en alle acties die worden ondernomen om het groen en de mooie lanen te behouden. Omdat de status van het beleidsstuk niet bijzonder is, stelt de BGR voor om het in de toekomst in een formeel beleidsstuk met meer status te laten wortelen, omdat het nu een afgeleide van het groenplan is.
 
Wethouder Adema antwoordt dat Rosendael '74 het voorstel van het PAK in de tweede termijn van de algemene beschouwingen heeft gesteund en daarna ook de BGR. Onder de term 'te koesteren bomen' verstaat het college alle bomen, zowel de bomen die al als 'monumentaal' te boek staan als de aan de lijst toegevoegde, te koesteren bomen, die een levensverwachting hebben van meer dan 50 jaar. De lijst 'Te koesteren bomen' wordt onderdeel van het groenplan waardoor deze lijst dezelfde waarde krijgt als de lijst van monumentale bomen en de te koesteren bomen hetzelfde onderhoud krijgen als de monumentale bomen. Het werk is aan een extern bureau uitbesteed. Mocht dit bureau hierin fouten hebben gemaakt, zullen deze gecorrigeerd worden.
Dhr Koning vraagt of een uitspraak van de raad hierover geëffectueerd wordt in het beleid. Wethouder Adema antwoordt dat dit het geval is, omdat het groenplan van toepassing is op deze lijst van bomen die bestaat uit de monumentale bomen en te koesteren bomen.
Dhr Logemann zegt dat de waardevolle bomen van de gemeente niet op de kaart zijn terug te vinden.  Wethouder Adema zegt toe dat hierop in het verslag gereageerd zal worden zal worden of hij er in de   volgende vergadering op terug zal komen.
 
Antwoord: De geactualiseerde lijst van te koesteren bomen zal bij de ingekomen stukken voor de volgende raadsvergadering worden gevoegd


Dhr Logemann adviseert de raad het stuk niet door te leiden naar de raad, maar de wethouder de kans te geven het stuk aan te passen.
Dhr Van den Hurk geeft aan dat Rosendael '74 het stuk volkomen onderschrijft.

Het stuk is rijp voor raadsbehandeling. De fracties van de BGR en Rosendael '74 adviseren positief, de fractie van het PAK adviseert negatief.


12. Rondvraag
Dhr Logemann merkt op dat aan het voorstel over de milieuaspecten van De Del een rapport is toegevoegd over de luchtkwaliteit. Omdat het hem onduidelijk is waarom het stuk is toegevoegd, vraagt hij het college wat zij in het rapport belangrijk vindt en waarom het college het rapport heeft toegevoegd aan het voorstel. Wethouder Hoving antwoordt dat het stuk is toegevoegd, omdat het extra achtergrondinformatie geeft. Het college is wat anders gaan aankijken tegen de luchtproblematiek op De Del.
Dhr Logemann stelt dat het stuk in 2000 is opgesteld en alleen de NO-2-uitstoot behandelt en niet de fijn stof problematiek. Het rapport geeft alleen aan dat de locaties die voor 2010 in beeld waren, waarschijnlijk niet aan de norm van 2010 zullen voldoen en dat ook nog te bouwen Vinex-locaties in de problemen zullen komen. Het betreffende deel van De Del was toen niet in beeld. Wethouder Hoving antwoordt dat het rapport puur ter adstructie is toegevoegd om een goed beeld te kunnen krijgen wat er zoal op het gebied van lucht en geluid in de milieuparagrafen speelt.


13. Schorsing
 De voorzitter schorst de vergadering om 20.04 uur.
 
BLOK WELZIJN, SOCIALE ZAKEN, ONDERWIJS, CULTUUR, RECREATIE EN SPORT
 
Aanwezig:
 
Commissieleden: 
mw A.M. van den Heuvel, dhr C.T. van den Hurk, dhr A.G.H. Koning, dhr B. van der Plas, dhr M.H.M. van Wassenaer
 
Voorzitter: 
dhr H.P. Korstanje
 
Portefeuillehouders:  
dhr F.R. Hoving, dhr A.C.L. Adema
 
Commissiegriffier: 
mw W.G. Pieterse-Pook
 
Verslag:  
Buro Service Overasselt, mw M.R.H.M. de Meijer
 
Afwezig:   
mw E.C.T. Bisterbosch-Willart (wordt vervangen door dhr A.G.H.Koning)

14. Heropening
De voorzitter heropent de vergadering om 20.10 uur.


15. Mededelingen / Ingekomen stukken
Er zijn geen mededelingen.

 
Met betrekking tot het Jaarverslag Stichting Thuiszorg Midden-Gelderland:
Dhr Van Wassenaer stelt dat men weliswaar voorzichtig moet zijn met conclusies uit statische gegevens vanwege de geringe grootte van Rozendaal, maar hij vindt het toch opvallend dat uit het jaarverslag blijkt dat één op de drie Rozendaalse kinderen psycho-somatische problemen heeft en dat HGM voorstelt om dit via internet op te lossen. Ook de vaccinatiegraad is lager dan elders. Hij vraagt wat het college doet met de concrete aanbevelingen voor 2008.
Wethouder Adema antwoordt dat het college de aanbevelingen ter harte neemt. Volksgezondheid is echter de portefeuille van de burgemeester.
De voorzitter stelt voor dat men van tevoren aan de griffier meldt of men vragen heeft aan de burgemeester, zodat de burgemeester gevraagd kan worden aanwezig te zijn.


16. Verslag van de vergadering van 24 april 2007
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.


17. Agendapunten
Agendapunt 9: Voorstel tot standpuntbepaling met betrekking tot milieuaspecten in relatie tot herbestemming De Del

 
Mw Van den Heuvel vraagt met betrekking tot de notitie Milieu-aspecten (pagina 3) een toelichting op de co-financiering voor de aanvullende maatregelen. Wethouder Hoving antwoordt dat met co-financiering wordt beoogd dat de gemeente Rozendaal kan aanhaken bij de maatregelen die Rijkswaterstaat gaat nemen bij de verbreding van de A12. De financiële consequenties zijn vooralsnog niet te voorzien, maar de verwachting is dat de kosten zullen meevallen, juist omdat de gemeente waarschijnlijk zal kunnen meeliften met Rijkswaterstaat. De kosten voor Rozendaal zullen gedekt worden uit de opbrengst van De Del.
Mw Van den Heuvel stelt dat het rapport van dBvision uitgaat van een overschrijding bij De Del van 63 tot 57dB. Zij vraagt of dit alleen geldt voor De Del en of de overschrijding nergens anders in de wijk is te constateren. Zoals het nu opgeschreven staat, lijkt het erop dat overal wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 50dB op de Kapellenberg. Wethouder Hoving weet niet of thans op de Kapellenberg meer geluid is te constateren dan de 50dB. Rijkswaterstaat moet bij nieuwe wegen rekening houden met de normen van nu; bij het opknappen of verbreden van wegen worden maatregelen gerelateerd aan het bestaande geluidsniveau.
Mw Van den Heuvel vraagt met betrekking tot de zin "Er is een voorkeursgrenswaarde van 50dB en deze is destijds bereikt met geluidsafschermende voorzieningen" of hier ooit onderzoek naar gedaan is of dat er sprake is van een aanname. De voorzitter antwoordt dat de aanname destijds was dat het onder 50dB zou blijven, gebaseerd op de berekeningen van Rijkswaterstaat en TNO.
 
Dhr Van der Plas heeft de wethouder in de rondvraag van Blok II horen zeggen dat het college het rapport uit 2000 heeft toegevoegd om de beeldvorming op de problematiek te verbreden. Het is echter niet actueel en extrapoleert de gegevens naar 2010 op basis van de gegevens van 2000. Verder roept het stuk vragen op, zoals de vraag waaróm de opmerking is toegevoegd dat een gezondheidskundig onderzoek van de universiteit Wageningen een toename aantoont van luchtwegklachten bij basisschoolkinderen die langs snelwegen wonen. Het rapport gaat er zonder feitelijke onderbouwing van uit dat NO2 en fijn stof gerelateerd zijn en gaat niet in op de uurgemiddelde norm van 210 microgram per m² die slechts 18 keer per jaar mag worden overschreden, maar spreekt alleen over het jaargemiddelde. Verder noemt het rapport wegvak nummer 30 van de A12 - waarvan het overigens niet duidelijk is of dit De Del betreft - en meldt een overschrijdingsafstand van 34 meter. Dit zou betekenen dat hiervoor al in 2000 een maatregel in de zin van een luifel nodig was en verkeersmaatregelen. Hij vraagt het college om een informatieve sessie, wellicht met iemand van VROM als eigenaar en opdrachtgever van het rapport en met iemand van HGM, te beleggen om op al dit soort vragen nader te kunnen ingaan. In het voorstel (pagina 6) staat dat de beoogde bouw op De Del kan plaatsvinden, nadat de verbreding van de A12 is gerealiseerd. Dit betekent dat de gemeente zich daarmee voor de bouw van de school afhankelijk maakt van de verbreding van de A12.
Wethouder Hoving antwoordt dat het college met het toevoegen van het rapport enkel heeft beoogd de raad van extra informatie te voorzien en om begrippen als jaargemiddelde en daggemiddelde duidelijker te krijgen. De gemeente Rozendaal maakt zich niet afhankelijk van de verbreding van de A12, want deze weg zal ongetwijfeld eerder verbreed zijn dan dat Rozendaal op De Del gaat bouwen. Als de gemeente gaat bouwen, zal zij zich houden aan de wettelijke regels die gelden voor geluid, lucht en dergelijke. Het college zal zich beraden over een voorlichtingsbijeenkomst voor de raad.
 
Dhr Van Wassenaer zegt dat de BGR in een eerdere fase voorstander was van het verrichten van metingen, maar op basis van de voorliggende notitie tot de conclusie is gekomen dat metingen in dit verband op dit moment niet zinvol zijn. Omdat alle berekeningen en gehanteerde normen uitgaan van de situatie in en na 2010, leveren metingen van de huidige situatie geen gegevens op die besluitvorming zouden kunnen beïnvloeden. De fractie sluit hierbij niet uit dat zij later in het proces eventueel wel metingen zou willen laten verrichten. Het uitgangspunt van de fractie is dat er alleen een herbestemming kan plaatsvinden, indien de milieuaspecten ruimschoots binnen maatschappelijk aanvaardbare normen vallen. De fractie van de BGR kan zich onder voorwaarden vinden in de notitie en het advies van het college. De BGR vindt het nodig dat er vóór de vaststelling van de OTB nog een nader bestuurlijk overleg plaatsvindt met Rijkswaterstaat met als inzet te trachten te komen tot een bestuurlijk akkoord waarin wordt overeengekomen dat de te zijner tijd vast te stellen normen voor de milieuaspecten op de locatie De Del vallen binnen de gevraagde normen voor de te herbestemmen locatie, zodanig dat er gewoond kan worden en er een kwalitatief hoogwaardige school gebouwd kan worden. Rijkswaterstaat zal zich moeten committeren en zich bestuurlijk moeten kunnen vinden in de bouw. Samenwerking tussen Rijkswaterstaat en de gemeente Rozendaal in de aanpak van de sanering van de overschrijding van de milieuaspecten staat centraal in het akkoord. Vanwege deze samenwerking met Rijkswaterstaat en met de gemeente Rheden dient ook de methode van onderzoek in overleg te worden vastgesteld.
 
De door TNO ontwikkelde modellen voor overheden die Rijkswaterstaat nu al gebruikt, zouden ook geschikt kunnen zijn voor de gemeente Rozendaal. In het bestuurlijke overleg moet tevens inzicht verschaft worden in die zaken waarop de berekeningen gebaseerd zijn, verkeersintensiteiten, data, emissiefactoren enz. zoals ze straks in de OTB verschijnen. Rijkswaterstaat zegt maatregelen te zullen nemen om te waarborgen dat de huidige geluidsituatie tenminste tien jaar gehandhaafd blijft, maar de BGR sluit zich bij de opmerkingen van Rosendael '74 aan dat niet bekend is welke norm thans geldt op de Kapellenberg. Als nu de grenswaarde 50dB is en er bij verschillende huizen op de Kapellenberg hogere waarden gemeten worden, vindt de BGR dat de gemeente met Rijkswaterstaat in onderhandeling moet gaan om te kijken hoe Rijkswaterstaat dit denkt op te lossen. Wellicht ligt hier een soort wisselgeld waardoor het voor Rozendaal misschien mogelijk is om tot goede, financiële afspraken te komen en de gemeente minder kosten heeft voor de bouw van eventuele aanvullende maatregelen. Het is ook de vraag wat Rijkswaterstaat gaat doen, als na 2010 de normen weer veranderen of als de werkelijke waarden hoger blijken te liggen dan de dan geldende normen. Het is interessant te weten dat de verbreding ook voldoet aan de nieuwe normen voor PM 2,5 en wellicht kan Rijkswaterstaat hier nog nader op ingaan. De BGR heeft geen bezwaar tegen de genoemde toetsing door HGM, maar wil graag dat het RIVM of een andere partij erbij betrokken wordt. Het uitgangspunt voor alle eventuele toetsingen moet zijn dat het TNO-model wordt gehanteerd en niet de CAR II. Vóór de vaststelling van de OTB wil de BGR inzicht hebben in de meest recente, beschikbare gegevens over verkeersintensiteiten op het bewuste deel van de A12. De fractie wil ook graag, direct na het verschijnen van de OTB, een afschrift ervan hebben, zodat zij kan reageren binnen de inspraakperiode van zes weken. De fractie sluit zich aan bij de suggestie van het PAK om voor de volgende commissievergadering een expert op het gebied van milieuaspecten uit te nodigen.
 
Wethouder Hoving antwoordt dat Rijkswaterstaat gehouden is om binnen de wettelijke milieunormen te blijven. In dit geval heeft Rijkswaterstaat op voorhand aangegeven dat de huidige geluidsbelasting voor tenminste tien jaar na het gereed komen van de verbreding van de A12 wordt geconsolideerd. Als de gemeente op De Del iets wil ontwikkelen, heeft zij te maken met een andere norm dan Rijkswaterstaat, namelijk 48dB. Omdat Rijkswaterstaat niet naar 48dB zal willen gaan, zijn dhr Adema en hijzelf ieder vanuit hun eigen verantwoordelijkheid volop met Rijkswaterstaat in gesprek om de belangen van Rozendaal te behartigen. Met Rheden wordt er op ambtelijk en bestuurlijk niveau gekeken of hun belangen ten aanzien van het masterplan Larenstein gekoppeld kunnen worden aan die van Rozendaal. Toen de Kapellenberg werd gebouwd, kon niet aan de waarde van 50dB worden voldaan. Hierdoor werd besloten om op de rand waar nu de voetbalvelden beginnen, een talud te maken. Dit talud draagt ertoe bij dat het geluid naar beneden gaat. Als ook de opening erin weggewerkt zou kunnen worden, zou dit een groot voordeel kunnen betekenen voor de bewoners op de Kapellenberg. Hij zal nagaan hoe het geluidsniveau op de Kapellenberg is. Rijkswaterstaat is heel constructief, maar stelt duidelijk dat zij voldoet aan de wettelijke normen en daar geld voor heeft. Voor alles wat de gemeente méér vraagt, heeft Rijkswaterstaat geen geld. Op 25 juni a.s. wordt er op ambtelijk niveau gesproken met Rijkswaterstaat over verkeersintensiteiten, emissiefactoren e.d. en de week erna vindt een bestuurlijk overleg hierover plaats, waarbij wethouder Adema en hijzelf aanwezig zullen zijn. In het bestuurlijke overleg zal hij de vragen van dhr Van Wassenaer voorleggen.
 
Dhr Van der Plas verklaart dat het PAK het met het college eens is om eerst de definitieve resultaten van de berekeningen van Rijkswaterstaat af te wachten. Vervolgens lijkt een aanvullend advies van HMG op zijn plaats, maar het gaat het PAK vooralsnog te ver om op voorhand te zeggen dat metingen niet nodig zijn. Dit besluit wil het PAK uitstellen tot het moment dat de definitieve resultaten van de berekeningen bekend zijn. Het PAK stelt zich op het standpunt dat het voorstel niet in deze vorm met een positief advies naar de raad mag worden doorgestuurd.
Dhr Koning merkt op dat de inzet van het bestuurlijke overleg met Rijkswaterstaat een bestuurlijk akkoord moet zijn, waarbij men kan proberen te komen tot overeenstemming over de onderzoeksmethode en de uitgangspunten die dhr Van Wassenaer naar voren heeft gebracht.
Dhr Van Wassenaer vraagt of HGM bevoegd is om de TNO-methode te gebruiken. Wethouder Hoving antwoordt dat de enige gevalideerde methode de methode van TNO is. Er valt niets aan te manipuleren.
 
Mw Van den Heuvel herhaalt dat Rosendael '74 als uitgangspunt heeft dat de school in een veilige en gezonde omgeving moet komen. Omdat elk model een eigen onzekerheidsanalyse kent, wil zij hierover graag meer informatie, want het moet duidelijk zijn hoe betrouwbaar het model is. HGM wil graag in een eerder stadium betrokken zijn bij het onderzoek, omdat zij vanuit de invalshoek van de gezondheid naar de modellen kijken.
Wethouder Hoving antwoordt dat het college vanochtend heeft besloten om de expertise van HGM bij het onderzoek te betrekken. Het contact is reeds gelegd. Het college vindt, evenals de raad, dat  de gezondheid voorop moet staan. We hoeven niet roomser dan de paus te zijn. Hij stelt voor om onderdeel 2 met een positief advies naar de raad te sturen en onderdeel 1 aan te houden.
Dhr Van de Plas, dhr Van den Hurk en dhr Van Wassenaer gaan akkoord met het voorstel van wethouder Hoving.
 
De commissie adviseert positief ten aanzien van onderdeel 2 van het raadsbesluit; onderdeel 1 wordt niet naar de raad geleid.

Agendapunt 10: Voorstel tot vaststelling van de Beleidsnota Inburgering 2007 en de Verordening Inburgering gemeente Rozendaal
De commissie adviseert positief.


18. Bespreking voortgang onderwijshuisvesting
Wethouder Hoving deelt mee dat het plan van aanpak zo spoedig mogelijk aan de raad zal worden voorgelegd. Het college is volop bezig om de juiste ondersteuning bij dit proces te krijgen en is hiervoor met twee bedrijven in overleg. Wellicht kan het plan van aanpak op 11 september in de commissie behandeld worden. De tijdelijke huisvesting nadert zijn voltooiing, zodat voor 1 juli verhuisd kan worden. Hij heeft ook nog recent gesproken met 't Rhedens over hun vraag om te kunnen bouwen en de nog nader te bepalen voorwaarden. Deze voorwaarden zijn nog onvoldoende concreet, maar het streven is erop gericht om de kwestie dit jaar nog met 't Rhedens af te kaarten.
Dhr Van Wassenaer vraagt of ook de tijdelijke gymvoorziening is opgelost. Wethouder Hoving antwoordt dat dit voor de onderbouw is opgelost, nog niet voor de bovenbouw. De school denkt erin mee evenals de Scholengroep Veluwezoom.
Dhr Van Wassenaer merkt op dat er in Velp wat rumoer is ontstaan over de komst van RADAR in het gebouw van Vitens die er een gymzaal bij wil bouwen. Wethouder Adema antwoordt dat de bouw van een gymzaal niet bespreekbaar is met de omwonenden.


19. Rondvraag
Dhr Van Wassenaer vraagt waarom de subsidieverlening aan de bieb thans via een besluit van B&W loopt, terwijl de raad er vorig jaar uitgebreid over gesproken heeft. De voorzitter antwoordt dat de raad de subsidieverordening heeft besproken en vastgesteld, zodat het college van B&W het verder kan afhandelen.


20. Sluiting
Niets meer aan de orde zijnde, sluit de voorzitter om 21.05 uur de vergadering.


Uitgelicht


Zoeken